Een pianoconcert over de lucht en een solist die vliegt

door Paul Herruer (2010)
Aerial heet het pianoconcert dat Anthony Fiumara in opdracht van het Noord Nederlands Orkest heeft geschreven. De associaties met lucht uit de titel passen heel toevallig bij de hobby van solist Ralph van Raat, want die is bezig zijn vliegbrevet te halen. Op 11 maart gaat het in première.

“Het wordt geen traditioneel pianoconcert,” stelt Anthony Fiumara (1968), “de piano staat niet tegenover het orkest, maar ze worden samen een ding: de piano mag bijna constant zijn gang gaat en het orkest zit als een mantel eromheen en brengt er kleur bij aan. Ik heb het orkest bewust klein gehouden om te voorkomen dat de piano ondersneeuwt.”

Je bent componist, maar ook musicoloog. In hoeverre beïnvloedt het een het ander?
Als musicoloog ben ik altijd gefascineerd geweest door renaissancemuziek. In polyfonie uit die tijd is sprake van een sonore massa met een lange lijn naar het einde, het is alsof je een stukje uit de eeuwigheid knipt. In mijn stukken gebruik ook graag een lange melodielijn als basis en dat komt uit oude muziek. Maar daarnaast zijn er andere invloeden: ik houd van Steve Reich en de vroege Philipp Glass, maar ook van Arvo Pärt en Morton Feldman is ook een held van mij: bij hem lijkt het altijd alsof je een deur opendoet en de muziek al lang daarachter bezig was.”

Er is in Aerial ergens een nummer van Laurie Anderson in terechtgekomen: ‘O Superman’. Hoe kwam dat?
Dat nummer ken ik al jaren. Het eindigt met een baslijn die ik heb opgerekt en als een soort passacaglia gebruikt – weer zo’n techniek uit de oude muziek. Toen ik met Ralph over het stuk ging praten liet ik hem Anderson horen en mijn idee sprak hem aan. Hij kwam toen met jazzopnamen van Chick Corea en Keith Jarrett op elektrische piano. Dat instrument gebruik ik niet, maar ik kreeg het idee, de elektrische piano na te doen. Ik laat Ralph tonen spelen en die leg ik in een soort delay: en het orkest maakt die noten langer met een soort reverb-effect.

En luistert je ook naar andere popmuziek?
Zeker, naar van alles; van Massive Attack tot Portishead, of de ambient van Brian Eno. In de popmuziek hoor je vaak het genot van de klank en een de wil om een mooie sfeer neer te zetten. Als ik daar een tiende van haal ben ik tevreden. Ik hoop ook dan Aerial door het publiek gewoon mooi gevonden wordt, en dat denk ik aan een veel groter publiek dan dat van collega-componisten.”

Waar sta jij als componist als het om een richting gaat?
Ik componeer niet neo-tonaal maar modaa. Ook de drieklanken uit minimal music laat ik voor wat ze zijn. Ik heb vroeger wel geprobeerd chromatisch te schrijven, maar het modale komt telkens terug. Aanvankelijk componeerde ik stiekem, naast de musicologie. Ik had ook niet het idee dat je er les in kon nemen. Tien jaar geleden heb ik les gehad van Richard Rijnvos en hij heeft me geleerd keuzes te maken: niet meer alles ineens te gebruiken maar te selecteren: minder is meer dan genoeg. Mijn stukken zijn meestal vrij streng van opzet en ik ben ook wel iemand van langzame muziek.”

Heb je nu ook een langzaam pianoconcert gemaakt?
Nee, dat kan geen 20 minuten achter elkaar. Het tweede deel, waarin ik Laurie Anderson heb verwerkt , is rustig en ik heb geprobeerd het zo eenvoudig mogelijk te houden: er is een baslijn, je hoort een buisklok en een strijkerslaag en de piano doet daar iets heel simpels bij. Het laatste deel is snel geworden: dit was mijn kans een snel ding te schrijven. Er mag daar geragd worden. Overigens heb ik in het pianoconcert de strengheid van mijn oudere stukken losgelaten: elke keer als het een onverwachte kant opging heb ik dat laten gebeuren.”

Jij bent niet alleen musicoloog en componist, maar ook muziekcriticus. Raak je daardoor niet soms in een spagaat?
“Het is zo Nederlands om dat soort functies gescheiden te houden, maar het is van alle tijden. Debussy schreef over muziek, Schumann ook. En zo zijn er wel meer voorbeelden. Er zijn wel bepaalde dingen waar ik niet over schrijf en nu het pianoconcert eraan komt, zal ik een paar jaar niet over Ralph van Raat schrijven. Maar ik heb nooit het idee gehad dat ik iets anders doe als ik over muziek schrijf of zelf muziek componeer.”