anthony fiumara

de lichte noten van anthony fiumara


Marianne Broeder | 29 maart 2008 | VPRO Gids

Muziekliefhebbers kennen Anthony Fiumara (1968) wel als publicist in onder meer Trouw, Mens en Melodie en het Tijdschrift voor Muziektheorie en als artistiek leider van Orkest De Volharding. Diehards kennen hem ook als componist. Sinds 2004 verschijnen jaarlijks verschillende composities van zijn hand. Wanneer ontstond zijn passie voor het notenschrijven?

‘Tijdens mijn studie muziekwetenschappen had ik het gevoel dat componisten onbereikbaar waren,’ vertelt Fiumara. ‘Dat ik zelf zou kunnen componeren kon ik me al helemaal niet voorstellen. Pas toen ik grafische partituren ging transponeren naar gewone noten, tijdens de lessen 20ste-eeuwse notatie, veranderde dat. Het maakte iets in me los. Terwijl ik altijd had gedacht dat een componist voortdurend met melodieën bezig is, zag ik nu dat het ook anders kon: dat je een beeld kan omzetten in noten.

Pas eind jaren negentig, tijdens mijn werk als muziekredacteur bij Donemus, voelde ik de dwingende behoefte om zelf noten te gaan schrijven.’

Fiumara’s composities vertonen een opmerkelijke affiniteit met heel oude én heel nieuwe muziek.

‘Klopt,’ zegt Fiumara. ‘Juist die uitersten zijn voor mij een inspiratiebron. Aan de ene kant werk ik met moderne structuren en goochel ik met getallenreeksen. Vaak gebruik ik maar een paar noten in wisselende combinaties, waardoor telkens nieuwe samenklanken ontstaan. In die herhalingen hoor je schijnbaar hetzelfde, maar dan net iets anders. Daar past voor mij een sonore klank bij. Die sonoriteit vind ik in de oude muziek. Met name in de polyfonie van Johannes Ockeghem, die uitgerekte meerstemmigheid die als het ware een klankveld vormt.’

‘Nieuwe muziek verwijst trouwens sterk naar oude,' voegt hij er relativerend aan toe. 'Eigenlijk is er niets nieuws onder de zon. Componisten hebben altijd geprobeerd om hun muziek een afspiegeling te laten zijn van innerlijke gevoelens óf van de wetten van de kosmos. Ik hoor bij die laatste groep.’

Fiumara’s jongste compositie Aperture, vanmiddag in première gebracht door de Radio Kamer Filharmonie, is een hommage aan lichtkunstenaar James Turrell. De partituur verraadt een breed klankveld dat langzaam verglijdt van de hoogste noot in de violen tot de laagste in de contrabassen.

Fiumara: ‘Het fascinerende van Turrell is dat hij zoiets eenvoudigs als licht als materiaal voor zijn kunstwerken gebruikt. In zijn Skyspaces en in vroeg werk zoals Mendota Hotel Stoppages liet hij het buitenlicht door een spleet gestaag naar alle hoeken van een ruimte verschuiven. Fascinerend. Dat beeld heb ik omgezet in muziek.’

‘Aperture (opening) is de muzikale verbeelding van een traag verglijdende lichtstraal die alle aspecten van het spectrum laat zien tot hij verdwijnt in de duisternis. Daarvoor had ik tonen nodig, geen melodieën. Alle instrumentalisten spelen één dalende ladder van vijfendertig noten, ieder in een eigen tempo.’

Even los van getallenreeksen, abstracte kunst en een fascinatie met kosmische verschijnselen: wat is Fiumara’s affiniteit met licht? ‘Ik hou van het warme licht van de zomer,’ zegt de componist, 'van Turrells kunstwerken waarin het licht zo verzadigd wordt dat het bijna tastbaar lijkt. Ik hoop dat de warmte die licht kan geven in Aperture doorklinkt. Misschien ben ik eigenlijk gewoon een romanticus.’